Accountantskamer ECLI:NL:TACAKN:2026:72
Objectiviteit bij optreden als executeur in familiekring
Een accountant trad op als executeur van een nalatenschap en verleende ook accountantsdiensten aan familieleden van de erflaatster. De weduwe van de legitimaris verweet hem een bedreiging van zijn objectiviteit en het onvoldoende verstrekken van informatie. De Accountantskamer verklaarde de klacht geheel ongegrond.
- Objectiviteit
- Onafhankelijkheid
- Vakbekwaamheid en zorgvuldigheid
De zaak
Een accountant was als executeur benoemd in het testament van een erflaatster. Hij verleende daarnaast accountantsdiensten aan de erflaatster, aan een vennootschap van een van de erfgenamen en aan een familiebedrijf. De zoon van de erflaatster was van de erfenis uitgesloten maar had als legitimaris recht op een geldvordering op de nalatenschap. Na het overlijden van de erflaatster ontstond een geschil over de omvang van het legaat en het recht op inzage in onderliggende bescheiden. De gemachtigde van de legitimaris diende uiteindelijk een verzoekschrift in bij de kantonrechter tot afgifte van informatie.
Klaagster, de weduwe van de inmiddels overleden legitimaris, stelde dat de combinatie van rollen een bedreiging vormde voor de objectiviteit van de accountant en dat hij onvoldoende informatie had verstrekt. De Accountantskamer stelde vast dat de positie van een legitimaris wezenlijk verschilt van die van een erfgenaam: de legitimaris is schuldeiser van de nalatenschap, geen rechthebbende op de goederen. De executeur vertegenwoordigt de erfgenamen, niet de legitimaris. Dat er een belangentegenstelling bestaat tussen erfgenamen en legitimaris brengt als zodanig nog geen bedreiging van de objectiviteit mee.
Ten aanzien van de informatieverstrekking oordeelde de Accountantskamer dat een executeur een bepaald standpunt mag innemen over de informatieplicht jegens een legitimaris, zolang dat standpunt niet kennelijk onjuist of misleidend is. De accountant had een gespecialiseerde erfrechtjurist ingeschakeld en zich door diens adviezen laten leiden. Dat is hem niet tuchtrechtelijk te verwijten, ook niet als later zou blijken dat die adviezen onjuist zijn. Beide klachtonderdelen werden ongegrond verklaard.
De uitkomst
- Klacht ongegrond
Wat betekent dit voor de praktijk
Wanneer een accountant optreedt als executeur, worden zijn werkzaamheden aangemerkt als het verlenen van een professionele dienst: hij wendt zijn vakbekwaamheid aan en is gebonden aan de fundamentele beginselen uit de VGBA.
Het fundamentele beginsel van objectiviteit vereist dat een accountant niet ongepast wordt beïnvloed. Bedreigingen kunnen ontstaan als de accountant cliënten met onderling strijdige belangen bedient. Uit deze uitspraak volgt dat een belangentegenstelling tussen erfgenamen en een legitimaris niet automatisch een dergelijke bedreiging oplevert: de legitimaris is schuldeiser, niet deelgenoot in de nalatenschap, en de executeur vertegenwoordigt de erfgenamen.
Voor de informatieverstrekking als executeur geldt dat een accountant een rechtspositie mag innemen die ongunstig uitpakt voor een schuldeiser, mits dat standpunt niet kennelijk onjuist of misleidend is. De accountant schakelde vanuit het oogpunt van zorgvuldigheid een gespecialiseerde jurist in en liet zich door diens adviezen leiden. Een later onjuist gebleken juridisch standpunt maakt het handelen niet alsnog tuchtrechtelijk verwijtbaar.
Voor de praktijk betekent dit dat vakgenoten die meerdere rollen vervullen binnen één familiekring, steeds moeten beoordelen of die combinatie een bedreiging oplevert. De sleutel zit in de vraag of de belangen van de betrokken partijen daadwerkelijk strijdig zijn en of de accountant voor elk van hen een onafhankelijke positie kan innemen. Wanneer juridisch complexe vragen spelen, biedt het tijdig inschakelen van gespecialiseerde adviseurs een aanknopingspunt voor zorgvuldig handelen.